Gods plan

Niet mijn plan, maar Zijn plan!

Elke dag weer geniet ik van het lezen in de Bijbel. Wat een geweldige dingen staan daar in. Het inspireert mij, het zet me in beweging. Vaak borrelden er allerlei ideeën in me op. Misschien kan ik dit, misschien kan ik ... In mijn gebed zag ik dat terug. Ik besprak mijn ideeën en plannen met mijn Vader in de hemel: 'Wilt U mij geven dat ik ...? Wilt u mijn plannen zegenen? Wil u laten zien hoe ik dit of dat kan doen?'

Op een dag werd ik even stil gezet. Ik hoorde een preek over Jozua. "Toen Jozua eens in de omgeving van Jericho liep, zag hij plotseling een man tegenover zich met een getrokken zwaard in de hand. Jozua ging op hem af en vroeg: ‘Hoor je bij ons of bij de vijand?’ De man antwoordde: ‘Bij geen van beide, ik ben de aanvoerder van het leger van de HEER. Daarom ben ik hier.’ Jozua viel op zijn knieën, boog diep voorover en vroeg hem: ‘Mijn heer, ik ben uw dienaar, wat beveelt u mij?’ De aanvoerder van het leger van de HEER zei tegen Jozua: ‘Trek je sandalen uit, want de plaats waarop je staat is heilig.’ Jozua deed wat hem bevolen was." (Jozua 5:13-15)

Jozua wordt hier van leider een volger. De Engel van de Heer bepaalt Jozua er bij, dat hij als leider in dienst staat van God. Het gaat niet om hem en zijn eigen plannen, maar om wat God wil! Als leider zal Jozua heel wat plannen gemaakt hebben. Plannen die ongetwijfeld heel goed bedoeld waren en vanuit een verlangen om God te dienen. En toch zet God Jozua even stil. "Trek je sandalen uit, want de plaats waarop je staat is heilig."

Blote voeten

Als je in dat gebied je sandalen uit doet, dan heb je een probleem. De stenen en de hitte van het hete zand zorgen er al snel voor dat het plezier in het lopen je snel vergaat! Je bent dan echt gehandicapt. Oftewel: Jozua kan niet meer verder. Door zijn sandalen uit te doen, wordt hij afhankelijk. Je zou kunnen zeggen, dat God hier zegt: Stap uit je eigen plannen en ga in mijn grote plan staan!

Bij Mozes gebeurde eerder hetzelfde bij de brandende braamstruik: "‘Kom niet dichterbij,’ waarschuwde de HEER, ‘en trek je sandalen uit, want de grond waarop je staat, is heilig." (Exodus 3:5) 

In huis liep men op blote voeten. Sandalen deed je aan wanneer je buiten je werk ging doen of op reis ging. Buiten je sandalen uit doen was ongebruikelijk. Zelfs slaven hadden schoenen aan wanneer ze hun werk deden, lees ik in de Bijbel.

Het uit doen van je sandalen kom ik behalve bij Mozes en Jozua nog een paar keer tegen in het Oude Testament:

  • In Deuteronomium 25:9 staat dat een vrouw de sandaal van haar zwager uit moet trekken wanneer deze weigert zijn verplichting tot een zwagerhuwelijk na te komen.
  • In Ruth 4:8 kom ik het tegen. Dit keer als teken om een een koop of afspraak te bekrachtigen.
  • In Jesaja 20:2 lezen we dat Jesaja drie jaar lang naakt en met blote voeten rond moet lopen als teken voor de Egyptenaren. De trotse Egyptenaren zullen op dezelfde wijze als krijgsgevangene worden weggevoerd.
  • In Ezechiël 24:23 wordt het lopen op blote voeten genoemd als een van de tekenen van rouw.

Het valt me op, dat in elk van deze gevallen het gaat om afstand doen: van je eigen plannen, van je plichten, van je rechten, van je geliefde. Je sandalen uit trekken is dus eigenlijk alles wat van jou is loslaten. Een belangrijke les voor Mozes en Jozua! Ze zijn geen leiders met eigen belangen en eigen plannen, maar leiders in opdracht! Een belangrijke les voor iedereen die geroepen is om leiding te geven aan anderen in Gods Koninkrijk!

Verdieping

In het Nieuwe Testament krijgt het beeld van de sandalen nog een verdieping. "Daarna stelde de Heer tweeënzeventig anderen aan, die hij twee aan twee voor zich uit zond naar iedere stad en plaats waar hij van plan was heen te gaan." (Lucas 10:1)

Jezus stuurt deze mensen met een opdracht op pad. Die steden zullen vast niet allemaal in de buurt gelegen hebben, maar verspreid door het land. Ze hebben dus een hele reis voor de boeg. Een reis die je normaal gesproken goed voor zou bereiden.

Maar wat zegt Jezus? "Neem geen geldbuidel, geen reistas en geen sandalen mee, en groet onderweg niemand." (Lucas 10:4) Anders gezegd: Maak je geen zorgen over je 'dagelijks brood' of je kleding en laat je onderweg nergens door ophouden. Afhankelijk en doelgericht.

Ik moet denken aan de Israëlieten die veertig jaar door de woestijn trokken. "Veertig jaar lang heeft hij u door de woestijn geleid en in al die tijd raakten uw kleren en uw sandalen niet versleten, en had u geen brood en geen wijn of andere drank nodig. Dat moest u ervan doordringen dat hij, de HEER, uw God is." (Deuteronomium 29:4-5)

God vraagt afhankelijkheid en vertrouwen aan de ene kant, maar tegelijk een God die geeft! "Wees over niets bezorgd, maar vraag God wat u nodig hebt en dank hem in al uw gebeden. Dan zal de vrede van God, die alle verstand te boven gaat, uw hart en gedachten in Christus Jezus bewaren." (Filippenzen 4:6-7)

Jezus stuurt ze op pad met een belangrijke opdracht! "Hij zei tegen hen: ‘De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig; vraag dus de eigenaar van de oogst of hij arbeiders wil sturen om de oogst binnen te halen." (Lucas 10:2) Er moet geoogst worden wat eerder al gezaaid is. Wat er geoogst wordt is niet van henzelf, maar van de eigenaar. Werken in dienst van de eigenaar.

Niet mijn plan

Ook hier klinkt, net als bij Mozes en bij Jozua als Gods boodschap door: 'Het gaat niet om jouw plan, maar om Mijn plan! Ik ben niet in jouw dienst, maar jij in Mijn dienst.'

In dat licht krijgt de opmerking van Johannes een nog diepere betekenis voor mij. "‘Ik doop met water,’ antwoordde Johannes. ‘Maar in uw midden is iemand die u niet kent, hij die na mij komt – ik ben het niet eens waard om de riemen van zijn sandalen los te maken.’" (Johannes 1:26-27)

Johannes zegt dit waarschijnlijk vooral uit eerbied. Hij kijkt verder dan de mens Jezus, maar ziet Gods Zoon! Die zou Zijn sandalen sowieso niet uit hoeven te doen. Laat staan dat een ander hem dat zou vragen of het zelfs zou doen.

Deze opmerking over de sandalen, laat me nog meer zien, dat Jezus echt mens werd. Ook Hij schikte zich in het plan van een ander: Zijn Vader. En dat deed Hij voor jou en mij ...

En als ik het op mijzelf betrek: God vraagt mij om mijn sandalen uit te doen. Mijn plannen opzij om ruimte te maken voor Zijn plan! Dat betekent op blote voeten over hobbelige stenen paden of heet brandend zand. Geen comfortabele weg dus! Want Gods weg gaan, Gods plan volgen, betekent dat ik midden in de strijd ga staan.

Maar met de opdracht geeft God ook wat nodig is om de opdracht uit te voeren. Hij geeft me de sandalen en de kleding die ik nodig heb voor onderweg: "Neem daarom de wapens van God op om weerstand te kunnen bieden op de dag van het kwaad, om goed voorbereid stand te kunnen houden. Houd stand, met de waarheid als gordel om uw heupen, de gerechtigheid als harnas om uw borst, de inzet voor het evangelie van de vrede als sandalen aan uw voeten, en draag bovenal het geloof als schild waarmee u alle brandende pijlen van hem die het kwaad zelf is kunt doven. Draag als helm de verlossing en als zwaard de Geest, dat wil zeggen Gods woorden." (Efeziërs 6:13-17)

Durven we onze eigen plannen los te laten? Durven we te vertrouwen? Durven we de stap in gehoorzaamheid te zetten?